De eerste ballonvaart in Nederland

De luchtballon gaat al een hele tijd mee. Al in 1783 werd de heteluchtballon uitgevonden door twee Franse broers: Joseph en Jacques Montgolfier, zonen van een rijke papierfabrikant. Ze kwamen op het idee doordat ze bij een haardvuur een opbollend hemd zagen. De warme lucht steeg in het kledingstuk. De broers begonnen te experimenteren met doek en wit papier. Ze maakten hun eerste heteluchtballon, die zonder bemanning twee kilometer vloog.

Na het experiment stopten ze op 19 september 1783 een schaap, een haan en een eend in een ballon. De ballon steeg op in Versailles en bleef in de lucht voor acht minuten. De dieren maakten het goed. Slechts een paar maanden later, op 21 november, gingen er mensen mee aan boord. De vlucht duurde bijna een halfuur en landde acht kilometer verder dan dat de ballon was opgestegen.

In Nederland waren we wat later. Op 19 maart 1784 liet Jan Modderman uit Groningen vanaf een van zijn scheepswerven een heteluchtballon opstijgen. Deze had hij zelfgemaakt en de passagier was een vogel in een kooi. De ballon haalde vijftien kilometer en kwam in het Drentse Bunne neer. Ondertussen was niet iedereen zo content met deze nieuwe uitvinding. In verschillende steden werden de ballonnen vernield.

De eerste bemande vlucht in Nederland vond plaats op 12 juli 1787. De Fransman Jean Pierre François Blanchard stapte met één andere passagier vanuit de tuin van Paleis Noordeinde in de ballon. Ze vertrokken rond half acht in de avond, maar kwamen vast te zitten achter een schoorsteen van een huis in de Molenstraat. Nadat ze losgerukt waren, vervolgden ze hun reis. Deze duurde anderhalf uur en uiteindelijk landden ze in een weiland bij Zevenhuizen, waar ze werden opgewacht door boeren met stokken en hooivorken. Zij maakten de ballon stuk en stalen veel goudgaas. De eigenaar van het land eiste 10 dukaten voor het landen op zijn grond, waar Blanchard door een list onderuit kwam.

Op de plek waar de ballonvaarders opstegen werd in 1963 een herdenkingsbeeld onthuld.